Image Alt
  /  Lees Meer 2

GISSKID geeft kinderen een stem en helpt volwassenen te leren van kinderen

Kinderen zijn pijnlijk eerlijk. Iedere ouder kent wel een gênant moment waarop een kind in de openbare ruimte bijvoorbeeld hardop vraagt: “Mama, waarom mag de hond van die meneer wel in de winkel?” We leren onze kinderen dat het niet beleefd is om een dergelijke vraag te stellen omdat het misschien pijnlijk is voor ‘die meneer’ omdat hij misschien blind is of fysiek niet in staat om zelf producten in zijn winkelmandje te leggen. De ‘meneer’ in kwestie vindt het misschien helemaal niet erg om uit te leggen dat zijn hond een hulphond is en daarom mee de winkel in mag. Als volwassenen projecteren we ons ongemak met de situatie op onze kinderen en ontnemen hen daarmee de kans om te leren over diversiteit.

Kinderen zijn van nature nieuwsgierig. Ze hebben een innerlijk drive om alles te willen weten en stellen, wanneer ze de kans krijgen, de hele dag ‘waarom’ vragen. Vragen waarop volwassenen vaak geen antwoord weten. Bekende kinderen die volwassenen met hun vragen tot zwijgen wisten te brengen zijn b.v. Severn Suzuki die in 1992 als 12 jarige de Verenigde Naties toesprak in Rio de Janeiro, Greta Thunberg die in 2019 de wereldleiders toesprak in New York of Adora Svitak die volwassen in haar TED talk in 2010 fijntjes wijst op wat ze van kinderen kunnen leren.

Dichter bij huis, gewoon in de klas, stellen kinderen ook kritische vragen zoals: Waarom moeten we iedere dag rekenen? Waarom moeten we iedere dag beginnen met lezen? Waarom moet ik me er niets van aantrekken wanneer Kees flauwe opmerkingen maakt over mijn beugel? Waarom moet het altijd stil zijn tijdens het werken? Waarom bepaalt alleen de juf het cijfer voor een toets terwijl ze niet kan weten hoe hard iemand ervoor gewerkt heeft?
Leerkrachten die dit soort vragen serieus nemen, er met de kinderen over in gesprek gaan en het aandurven voorstellen van de kinderen uit te proberen, wacht vaak een aangename verrassing.

“Ja ik dacht eigenlijk waarom ook niet toen de kinderen me vroegen of we op maandagochtend niet een keer konden beginnen met tekenen. Omdat ik geen logisch antwoord kon bedenken heb ik het dus gewoon maar gedaan en begonnen we de dag met kwasten en verf. Er ontstond meteen een heel gezellige sfeer in de groep die de toon zette voor de rest van de dag. Zo simpel kan het dus zijn.” (juf Lenneke, groep 6).

“Eerlijk gezegd had ik er nog nooit bij stil gestaan dat ik alleen maar het eindresultaat beoordeelde en niet het leerproces van de kinderen.” (juf Marjoleine, groep 7).